Interview voorzitter KRI over Dag van jodendom Met nieuwe ogen kijken naar het ‘oude volk’

Op 17 januari 2008 houdt de katholieke kerk in Nederland voor de eerste keer de ‘Dag van het Jodendom’. Thema van dit eerste jaar is ‘Met nieuwe ogen’. De dag van het jodendom is ingesteld door de Nederlandse bisschoppen. In de praktische uitvoering worden zij met raad en daad gesteund door de Katholieke Raad voor Israël, de RK instelling voor de religieuze betrekkingen met het jodendom. Als voorzitter van deze Raad is Jaap van de Meij nauw betrokken bij de inhoudelijk voorbereiding. “We kunnen ons eigen geloof niet goed begrijpen zonder enig benul van de joodse achtergronden.” Een interview over deze bijzondere dag, het thema en zijn eigen betrokkenheid bij kerk en jodendom.

Wat is de reden om jaarlijks een ‘Dag van het Jodendom’ te gaan houden?

“De Nederlandse bisschoppen willen met deze dag de aandacht vestigen op joodse wortels van het christelijk geloof. Dat is ongelofelijk belangrijk, maar tegelijkertijd staan er niet veel mensen bij stil. En dat moet gestimuleerd worden, vinden de bisschoppen, en vindt de Katholieke Raad voor Israël (KRI). In de verhouding tussen de katholieke kerk en het jodendom is de afgelopen 50 jaar al zeer veel veranderd. Voor het kleine groepje van ‘dialoog-experts’ is dat geen nieuws, maar voor veel mensen juist wel. Aandacht voor deze zaak is trouwens al min of meer ‘Europees’ te noemen. Landen als Italië, Oostenrijk en Polen hebben al zo’n dag ingesteld.”

Waarom is kennis van z’n joodse wortels zo belangrijk voor het christendom?

“De leerlingen van Jezus, de evangelisten, Maria, Jozef, Jezus zelf en zo goed als iedereen in zijn entourage waren vrome joden. We kunnen ons eigen geloof niet goed begrijpen zonder enig benul van de joodse achtergronden. In de tweede plaats kan een goede kennis van onze joodse wortels helpen om onze eigen christelijke traditie te zuiveren van anti-joodse sentimenten die binnen geslopen zijn in de loop van de geschiedenis.”

Hoe zijn die anti-gevoelens ontstaan?

“Dat kwam door het uit elkaar groeien van kerk en synagoge. De eerste ‘christenen’, inclusief de eerste bisschoppen van Jeruzalem en Rome, waren ‘messiasbelijdende’ joden, joden die in Jezus de aan hun voorouders beloofde verlosser zagen. Deze ‘christenjoden’ wilden Jezus’ boodschap ook verspreiden onder niet-Joden: Grieken, Romeinen, Kelten en Germanen. Hierdoor is een scheuring ontstaan tussen joden en wat we nu maar ‘christenen’ noemen, en bij die ‘scheiding’ zijn lelijke woorden gevallen. Het lijkt eerst nog een familieruzie, maar als de evangeliën vermengd worden met anti-joodse sentimenten, slaat de vlam in de pan. Zestien eeuwen discriminatie tegen en vervolging van joden is het gevolg. De Tweede Wereldoorlog was natuurlijk een absoluut breekpunt. De verschrikkingen van de Vernietigingskampen deed ons christenen bewust worden van onze joodse wortels. Het verlangen om een definitief einde te maken aan de anti-joodse stroming in onze christelijke traditie is dan ook oprecht. Maar het vraag een ingrijpend proces van omvorming.”

Waarom is 17 januari als datum gekozen?

“Het zoeken naar een nieuwe verhouding met het jodendom is niet een zaak van katholieken alleen, maar van alle christenen. Het streven naar eenheid van de christenen moet gefundeerd zijn in de joodse wortels van ons geloof. Jaarlijks wordt een Bidweek voor de eenheid van de christenen gehouden, van 18 tot 25 januari. Op de dag voordat die week begint, staan we stil bij de joodse wortels, die alle christenen immers gemeenschappelijk hebben.
De PKN heeft het bijvoorbeeld anders opgelost. Zij hebben gekozen voor een zondag in het najaar met nadruk op de liturgie van die ochtend. De katholieke Dag van het Jodendom mikt meer op bezinning en studie. Dit past beter bij een dag door de week. Een vaste datum, zoals 17 januari, valt meestal niet op een zondag.”

Waarom hebben de bisschoppen niet gekozen voor een ‘Israëlzondag’?

“Protestantse vrienden vertelden dat de naam ‘Israëlzondag’ soms weerstanden oproept, omdat mensen dan denken aan de staat Israël en de politiek in het Midden-Oosten. Terwijl het gaat om de joodse godsdienst met name in Nederland. Door de naam ‘dag van het jodendom’ leggen de bisschoppen de nadruk op de religieuze kant en stimuleren ze ontmoetingen en verdieping van kennis. De bestudering van de joodse religie als bron van het christendom heeft geen politieke agenda.”

De officiële relaties tussen christendom en joden zijn verbeterd. In welke zin?

“In de verhouding van de katholieke kerk tot het jodendom kwam een keerpunt door het Tweede Vaticaans Concilie. Hier werd betoogt dat God zijn verbond met de joden nooit heeft opgezegd, los van hun geloof in Jezus. Het concilie erkende het grote gemeenschappelijke erfgoed van joden en christenen en riep op tot een dialoog. Daarna zijn ettelijke werkgroepen aan de gang gegaan. Het lijkt allemaal wat bureaucratisch, maar het resultaat is een commissie voor religieuze betrekkingen met het Jodendom. Die ontmoet regelmatig vertegenwoordigers van de Joodse gemeenschap uit de hele wereld rond religieuze thema’s.
Paus Johannes Paulus II heeft aan de verbetering van de verhoudingen een sterke impuls gegeven. Door zijn bezoek aan de synagoge in Rome (1986) en tal van ontmoetingen en initiatieven.”

En hoe zit dat in Nederland?

“De bisschoppen hebben bij verschillende gelegenheden vertegenwoordigers van de Joodse gemeenschap ontmoet. Zo groeide langzaam een klimaat van vertrouwen. In 1994 werd een Bisschoppelijke Commissie voor de betrekkingen met het Jodendom ingesteld.
In 1995 schreef het episcopaat een kort woord “Levend uit één en dezelfde wortel”, dat handelde over de joodse bedding van het christendom, en over de geschiedenis van vervreemding. Het tweede woord “Levend met één zelfde hoop” (1999) werkte vier punten van verwantschap uit: Omgang met de Schrift, Liturgie, Ethische en maatschappelijke vragen, Toekomst als Messiaanse hoop. Het derde woord “De vreugde van het leren” (2005) onderstreept het belang van ‘permanente educatie’ op dit gebied. En de feitelijke instelling van de ‘Dag van het jodendom’ is een concrete uitwerking hiervan.”

Wat zijn de oorzaken van deze verbetering?

“De leiders van de joodse gemeenschap ervaren dat de katholieke kerk nu vanuit een heel andere grondhouding de joodse gemeenschap benadert. Van beide kanten ziet men de religieuze overeenkomsten en de gemeenschappelijk zorg om de wereld. “Onze achtergronden zijn zo rijk, dat we juist de handen ineen kunnen slaan om te zoeken naar wat ons bindt, in plaats van wat ons scheidt,” aldus rabbijn Menno ten Brink begin 2007. We moeten “de discussie aan durven met elkaar over onze eigen heilige huisjes. Dat kan alleen maar op basis van vertrouwen in elkaar. Te weten dat de ander geen verborgen agenda’s heeft of mij wil bekeren”.”

Welke punten zijn nog voor verbetering vatbaar?

“De dialoog wordt gevoerd tussen kleine groepen voortrekkers aan beide kanten. De inzichten van de ontmoeting en gezamenlijke studie dringen nog te weinig door naar de achterban, in ons geval naar de parochies en de scholen. Hierdoor blijven oude voorstellingen bestaan in prediking en catechese. Daarover maken wij ons zorgen.”

Wat kunnen christenen van het jodendom leren?

“Eén van de dingen die katholieken van joden kunnen leren, is een cultuur van open debat. Maar ook een hele praktische invulling van het geloof, en de wijsheid van concrete voorschriften als leidraad voor het leven. En leven in de positie van een minderheid in een omringende cultuur die het eigen geloof niet als norm hanteert. De zorg om de wereld die in een aantal opzichten nog niet verlost is. Werken aan het ‘helen’ van de wereld. Een levende omgang met de Schrift, met name wat wij Eerste of Oude Testament noemen. De achtergronden van onze liturgie.”

Hoe kunnen we de belangstelling bij jongeren stimuleren?

“Voor jongeren is de Tweede Wereldoorlog en de jodenvervolging niet meer het vertrekpunt. Jongeren zijn veelal opgegroeid met tolerantie jegens andere etnische groepen en religies. Persoonlijke ontmoetingen met jongeren van andere religies werkt stimulerend. Op enkele plekken in Nederland gebeurt dit.”

Wat kunnen parochies doen?

“De parochies kunnen op of rond 17 januari een bepaalde activiteit organiseren. Een film draaien over een joods thema. Een spreker iets laten vertellen over een joods onderwerp. Liefst iemand die zelf joods is, eventueel een andere ‘deskundige’. Een avond rond joodse muziek of kunst. Een excursie organiseren naar een synagoge of museum. Een bepaalde bijbeltekst lezen vanuit een speciale vraagstelling. Praktische tips en nog meer ideeën zijn te vinden op een website die speciaal voor dit doel is gemaakt: www.dagvanhetjodendom.nl. Nu al staat er veel materiaal op. De komende maanden worden meer achtergronden en andere basisinfo toegevoegd. Vanaf mei 2008 wordt materiaal aangedragen voor januari 2009, zodat de parochies hiervan gebruik kunnen maken in hun jaarplanning.”

Is dialoog met moslims niet belangrijker dan met joden?

“Alle twee de dialogen zijn belangrijk en ook de samenspraak met alle drie. Zeker gezien het huidige politieke debat. Joden en christenen moeten zich niet laten uitspelen tegen de islam. Maar de dialoog met de joden blijft voor christenen van fundamenteel belang. Het gaat immers om onze eigen wortels. Soms is het goed om dingen te doen met alle drie: joden, christenen en moslims. Soms nog breder. In enkele steden zijn platforms voor religie en levensbeschouwing. Dit is heel goed. Maar de joden zijn onze “oudere broers en zussen in het geloof aan de ene God”. Met hen delen we het heilige boek dat wij Eerste of Oude Testament noemen – ook lezen we het nogal verschillend.”

Hoe bent u persoonlijk bij de dialoog betrokken geraakt?

“Als jongetje op de lagere school schijn ik ooit gevraagd te hebben: “Bij welk volk hoorde Jezus? – Bij het joodse volk, Jaap. – Maar, meester, waarom zeggen wij dan zulke lelijke dingen over het volk van Jezus?” Wat mij als kind bezielde om die vraag te stellen, weet ik niet. Ik was een kleine boekenwurm. In mijn ouderlijk huis hadden we niet veel boeken. Van Oma mocht ik de Spectrumeditie van het Oude Testament lenen. De verhalen van Samson las ik als een jongensboek, de avonturen van David met rode oortjes. De aartsvaders, Mozes en de tocht door de woestijn, Jozua, de profeet Elia – ze maakten diepe indruk op me.
Ook hadden we een joodse ‘tante’ in Amsterdam. Een ontzettend leuk mens, heel anders dan de mensen in het dorp. We zagen haar elke zomer, want dan stond ze op de camping.

Tijdens mijn theologiestudie ontmoette ik rabbijn Yehoeda Aschkenasy. Hij maakte mij wegwijs in de joodse traditie, nam geduldig alle vooroordelen weg waarmee ik was behept. Van hem heb ik geleerd dat het jodendom heel anders is dan het christendom en tegelijk heel nauw verwant. Jodendom en christendom moet je niet met elkaar vermengen, maar je kunt het christendom ook niet van het jodendom scheiden.

Vanaf de studietijd is mijn betrokkenheid bij de dialoog met de joden alleen maar verdiept. De ervaring die ik hier heb opgedaan komt mij goed van pas nu ik via het dekenaat ook aan de dialoog met moslims deelneem. Maar voor mijzelf blijft het zwaartepunt liggen bij het gesprek met de joden.”

Mgr. Van Luyn over de Dag van het Jodendom

Namens de bisschoppenconferentie wil ik de Dag van het jodendom van harte aanbevelen aan pastores en vrijwilligers in de parochies van heel Nederland.

Deze jaarlijks terugkerende dag – 17 januari – kan een impuls zijn voor katholieken om ons te bezinnen op de joodse wortels van ons geloof, maar ook op de betekenis die de dialoog met het levende jodendom voor christenen kan hebben.

De keuze van de datum is niet toevallig. Van 18 tot 25 januari wordt elk jaar de oecumenische Bidweek voor de Eenheid van de christenen gehouden. De Dag van het jodendom gaat aan die Bidweek vooraf. Want alle christelijke kerken hebben hun wortels uiteindelijk in de joodse traditie. De joden zijn onze “oudere broeders en zusters” in het geloof aan de Ene God.

Om de parochies te inspireren tot locale activiteiten van bezinning en studie hebben de bisschoppen een speciale website laten opzetten, die voortdurend vernieuwd en aangevuld wordt: WWW.DAGVANHETJODENDOM.NL. Dit moderne medium past bij dit nieuwe initiatief.

In ons land wordt deze dag voor het eerst gehouden in 2008. Het jaarthema luidt: “Met nieuwe ogen” kijken naar de aloude relatie tussen joden en christenen, welke sinds het Tweede Vaticaanse Concilie een nieuwe impuls gekregen heeft.

A.H. van Luyn sdb

Gesprek met bisschop Ad van Luyn Christenen zijn schatplichtig aan joodse visie op de mens

Hij zegt: ‘Ik heb het jodendom heel hoog zitten.’ En :‘Hier liggen de wortels van ons geloof. Het optreden van Jezus als leraar, profeet en heiland valt los van diens jood zijn niet te begrijpen.’ Bisschop Ad van Luyn (Rotterdam) beseft terdege dat de christenen schatplichtig zijn aan de joodse visie op mens en schepping, en de concretisering daarvan in de ‘onvergetelijk mooie’ boeken van de Thora, en hun uitwerking door de profeten. Telkens als Van Luyn die teksten of de psalmen leest geniet hij ervan.

Dit wil, benadrukt hij, niet zeggen dat het joodse geloof de waarheid in pacht heeft. Dat het niets zou kunnen leren van het christendom. ‘Geen enkele geloofsgemeenschap kan claimen in het “bezit” te zijn van de “volle” waarheid.’ Een pikante uitspraak, gezien het feit dat men in joodse kring met christenen wel wil praten over praktische zaken, maar vaak weinig voelt voor een theologische dialoog waarin ook eigen
geloofsstandpunten ter discussie worden gesteld.

Als voorzitter van de Bisschoppelijke Commissie voor de betrekkingen met het Jodendom (BCJ) is bisschop Van Luyn namens de bisschoppenconferentie nauw betrokken bij de relaties tussen de katholieke kerk en de joden in Nederland. Hij noemt die ‘goed’ en wijst als recent voorbeeld op de condoleanceboodschappen
die alle drie de joodse gemeenschappen aan kardinaal Simonis stuurden na het overlijden van diens voorganger Willebrands.

De Rotterdamse bisschop vindt dat men de onderlinge dialoog niet moet beperken tot pragmatische kwesties. ‘Een gesprek over het geloof kan voor christenen én joden verrijkend werken. Inhoudelijk zijn er hiervoor voldoende raakvlakken aanwezig. Bijvoorbeeld de relatie tot het transcendente, tot God, en het besef dat de schepping nog altijd wacht op haar voltooiing. De joden kijken in dit verband uit naar de komst van de Messias, de christenen naar de wederkomst van Christus.’

Geen bekering

Van Luyn onderstreept dat in de dialoog christenen van joden nooit mogen eisen dat zij hun centrale geloofswaarheden opgeven. De tijd van ‘jodenbekering’ is voorbij. ‘De kerk staat voor de uitdaging of zij zich
oprecht kan verheugen in de joodse traditie als teken van trouw van de Eeuwige binnen een nimmer herroepen verbond.’

Naast het theologisch-filosofische gesprek tussen de twee godsdiensten is ook samenwerking op concreet vlak van groot belang. De bisschop omschrijft die als het garanderen van de human dignity en het bundelen van krachten ten behoeve van het common good, in de overtuiging dat dit ‘algemeen welzijn’ altijd groter is dan de som van particuliere en groepsbelangen. Het kan nooit gelijkgesteld worden met het belang of de visie van slechts één van de groeperingen, partners of partijen.

Op welke onderwerpen moet die concrete samenwerking zich richten? Van Luyn:‘Op zingeving (er heerst in het Westen een groeiende onzekerheid over de waarom- en waartoevragen) en op ethiek. Christenen en joden dienen op beide vlakken hun krachten te bundelen, ten bate van een meer humane samenleving’.

Hoe? ‘Bijvoorbeeld via gesprekken met de politiek verantwoordelijken, zowel nationaal als internationaal. Christendom en jodendom hebben een eigen kritische functie tegenover de waan van de dag, tegenover het materialisme, de dominantie van de economie, de absolute relativering in de hedendaagse cultuur, de fragmentering van het moderne levensgevoel, de illusie van de maakbaarheid. In dat alles kunnen, ja moeten christenen en joden elkaar vinden. Zij delen de Messiaanse opdracht om aarde zo bewoonbaar
mogelijk te maken. In ons land, binnen de Europese Unie, wereldwijd.’

Dag van het Jodendom

Op 17 januari houdt de katholieke kerk in ons land voor het eerst een Dag van het Jodendom. In kerkprovincies als Italië en Oostenrijk bestaat die al langer. Met dit initiatief willen de bisschoppen een nieuwe stap zetten in hun betrekkingen met het jodendom, door die ook landelijk op de agenda te plaatsen.

Van Luyn:‘Hierdoor kunnen wij binnen de hele kerkprovincie wijzen op de veranderde verhouding tussen de katholieke kerk en het jodendom en uitleggen wat daarvan de positieve consequenties zijn. Niet alleen van die verbeterde relatie, maar ook van de drie documenten die de Nederlandse bisschoppen over het jodendom hebben gepubliceerd: Levend uit dezelfde wortel (1995), Levend uit dezelfde hoop (1999) en De vreugde van het leren (2004).

Het is erg belangrijk dat men ook op lokaal niveau aan de Dag van het Jodendom meedoet. Daarom staan op de website (WWW.DAGVANHETJODENDOM.NL) allerlei voorstellen voor activiteiten waarmee parochies aan de slag kunnen.Wij hebben de afgelopen jaren in elk bisdom al een aantal pilot projects gelanceerd, in samenwerking met parochies die open staan voor dit idee. Hiervoor kan de Dag van het Jodendom
misschien een nieuwe stimulans betekenen. Daarnaast zijn er de theologische opleidingen. Daar groeit steeds meer het besef dat men in het onderricht zich moeilijk alleen kan beperken tot het christendom, omdat men het jodendom steeds weer tegenkomt: in de bijbel, de liturgie, de eschatologie.’

Kwaliteit

Desondanks zien veel christenen het belang van een dialoog met het jodendom niet zo. Ze zeggen:‘Waarom zoveel aandacht besteed aan zo’n kleine groep?’ Aan de bisschop de vraag of men binnen de kerk, in de
parochies, niet veel beter de beperkte middelen zou moeten richten op het gesprek met de veel grotere islam waar dringende problemen spelen? Van Luyn kent deze reactie, maar noemt haar onterecht:‘Als christenen hebben wij een inhoudelijke band met het jodendom die veel essentiëler is voor ons zelfbestaan, voor het begrijpen van de kern van het geloof, dan die met de islam. Daarom kunnen wij niet
om de dialoog met de joden heen. Hier gaat het niet om kwantiteit, maar om kwaliteit.’

Hij onderstreept dat het gesprek wordt gevoerd met het jodendom als cultuur en als religie. ‘Wij houden ons niet bezig met de politiek van de staat Israël. Die kun je niet identificeren met hét jodendom. Daar denkt men ook onder joden heel verschillend over. Nee, als katholieke kerk in Nederland die deel uitmaakt van de wereldkerk, willen wij de dialoog met het jodendom, zoals die tijdens het Vaticaans concilie en onder de pausen Paulus VI en Johannes Paulus II gestalte heeft gekregen, verder ontwikkelen binnen onze eigen samenleving.’

En dan is er nog de abrahamitische trialoog, het gesprek tussen christenen, joden en moslims.Van Luyn vindt dit tripartiete gesprek zeker belangrijk. Hij noemt twee redenen: de ontwikkelingen binnen onze westerse samenleving, waarbij de islam een niet meer weg te denken rol speelt. En de opdracht die elke religie nu eenmaal heeft: zoeken naar wat verbindt. Christendom, jodendom en islam hebben één en dezelfde stamvader:Abraham.‘Hij is voor ons een model om de angst, de vervreemding en het geweld te overwinnen. Hij leert ons het paradigma van de gastvrijheid.’ ‘Maar’, waarschuwt de bisschop nogmaals: ‘het kan niet zo zijn dat deze trialoog de dialoog tussen christenen en joden gaat vervangen of haar zelfs maar insluit. Christenen kunnen het bilaterale gesprek met het jodendom niet missen. En ik denk dat ook de joden van zo’n dialoog op z’n minst niet slechter worden.’

Drie filosofen

Wat kunnen wij van de joden leren? Van Luyn:‘Wat mij bij het jodendom altijd opvalt is dat men daar zo sterk de nadruk legt op het relationele en niet op het functionele. En dat is nou precies wat onze westerse samenleving hard nodig heeft. Beïnvloed door de “vooruitgang” in wetenschap en techniek zijn we helemaal geconcentreerd op het functionele: Waar dient iets voor? Waar kan ik het voor gebruiken? Het bepaalt helaas ook onze interpersoonlijke relaties: Wat heb ik er aan? Wat doe ik er mee? Dat is een doodlopende
weg.

Over dit relationele hebben joodse denkers in de loop van de tijd heel diepzinnige dingen gezegd. Zelf voel ik me vooral geestelijk verrijkt door drie grote joodse filosofen uit de vorige eeuw: Martin Buber (1878-1965) die het belang van de dialoog onderstreept, Hans Jonas (1903-1993) die ons confronteert met onze verantwoording tegenover de schepping en tegenover de generaties die na ons komen, en Emmanuel Levinas (1906-1995) die de mythe van de zelfontplooiing heeft ontmaskerd en ons er op wijst dat ook de
mensen die ik niet direct in de ogen zie, die verder van mij afstaan, recht hebben op mijn verantwoordelijkheid. Alle drie heel inspirerende filosofen die je alleen kunt begrijpen vanuit het jodendom, vanuit dat sterk accentueren van het relationele.’

Verrijkt

Waar liggen bij Van Luyn de wortels van zijn interesse voor het jodendom? ‘Aan het einde van de oorlog was ik tien.Wij hadden toen al gehoord, hoe jong we ook waren, dat de joden enorm onrecht was aangedaan. We kenden de omvang natuurlijk nog niet, maar toch… Ik heb me daar sindsdien steeds voor geïnteresseerd en me er in verdiept. Dat liep van de getuigenis van Anne Frank tot die van Etty Hillesum.

Het sprak me erg aan: hoe mensen temidden van de onmenselijkheid er toch in zijn geslaagd mens te blijven. Niet alleen voor zichzelf maar ook voor de ander. Daar was ik diep van onder de indruk. Ook niet-joden als kardinaal De Jong,Titus Brandsma en Dietrich Bonhoeffer inspireren me. Hun protest tegen het nazisme en de jodenvervolging trof me zeer. Mijn contacten met vertegenwoordigers van de joodse gemeenschappen en gesprekken met individuele joden hebben me eveneens verrijkt. Ik ben onder de indruk geraakt, mede door bezoeken aan Israël, van de energie van dit volk. Die spruit toch mede voort uit een andere realiteit dan de menselijke. Dat mogen we niet vergeten.’

Dit artikel is eerder gepubliceerd in De Kroniek (2008,3), de PERIODIEK van de Katholieke raad voor Israël.
Mgr. Van Luyn is bisschoppelijk referent voor de Betrekkingen met het Jodendom.

(Ton Crijnen, 03-12-07)